Blog Paul Mersmann | Denk aan de Koe! Over de kracht van overvloed

 

Betekenisfabriek-0269De rol van schaarste in onze economie

Economen hebben het moeilijk. De één vertelt dat we moeten bezuinigen, de ander vertelt dat we geld moeten uitgeven. De onderlinge discussies geven ons als buitenstaanders het beeld dat economie iets ongrijpbaars en onbegrijpelijks is. Toch valt dat eigenlijk best mee. Zo lang we maar naar de essentie kijken. Het centrale thema in de economie is schaarste. Alles is schaars. Eindige hoeveelheden dus. Voedsel, brandstof, arbeid en geld. Allemaal schaars. Alle schaarse goederen en diensten hebben een vraag en een aanbod. Alles wat schaars en waardevol is, heeft een hoge prijs. Alles wat hetzij niet schaars hetzij niet waardevol is, heeft een lage prijs. De lucht die jij en ik ademen is heel waardevol, maar niet schaars. We hoeven er ook niet voor te betalen. Bepaalde metalen die nauwelijks op aarde voorkomen, zijn erg schaars, maar zolang ze geen bewezen nut hebben, hebben ze ook geen waarde en dus geen prijs.

Schaarste is een bijzonder fenomeen en roept vrijwel direct een ethische discussie op. Kunnen we bijvoorbeeld biobrandstoffen produceren in de wetenschap dat daarmee in ontwikkelingslanden de voedselprijzen stijgen? Bedrijven en overheden maken gebruik van schaarste. Saoedi-Arabië kan schaarste creëren in de wereldwijde handel in aardolie, door minder te produceren. Gevolg:de prijzen gaan omhoog en de waarde van de olie stijgt. Ook Apple maakt gretig gebruik van schaarste.Let er maar eens op: ieder nieuw apparaat dat Apple introduceert, krijgt te maken met leveringsproblemen. Gevolg: iedereen probeert het apparaat te bemachtigen. Beide voorbeelden lokken discussies uit.

Sommige economen beweren dat schaarste alleen maar toe zal nemen. De wereldbevolking neemt sterk toe, de behoefte aan voedsel, water en energie neemt toe. Prijzen zullen stijgen, armoede neemt toe. Gevolg is dat er een vechtcultuur ontstaat. Mijn welzijn ten koste van dat van jou. De sterkste wint ten koste van de zwakste. Het individualisme dat totaal uit de bocht vliegt. Wat een vooruitzicht.

Maar wat als de schaarste eindigt?

Er zijn ook economen die beweren dat de schaarste van de belangrijkste levensvoorzieningen zal afnemen. Door technologische revoluties wordt zeewater drinkwater, ontstaan er akkers in de woestijn en wordt energie goedkoper en goedkoper. Weg met de schaarste dus! Deze economen worden overigens gesterkt door eenvoudige feiten. In een aflevering van Tegenlicht somt Peter Diamandis een schitterend rijtje op: in honderd jaar tijd is de prijs van voedsel (gecompenseerd voor inflatie) gedecimeerd, de prijs van energie is honderdmaal goedkoper geworden. En van communicatie zelfs duizendmaal.

Waar de schaarste ophoudt, begint de overvloed. Het mooie van overvloed is dat alle monden kunnen worden gevuld en dat als je in overvloed leeft, je kunt doen en laten wat je wilt. Maar hoe werkt dan een economie? Waarom zou je appels bij de groenteboer kopen als ze op elke hoek van de straat gratis te plukken zijn en waarom zou je iemand inhuren als je gratis vrijwilligers tot je beschikking hebt? En waarom zou je werken als je geen inkomen meer nodig hebt, omdat alles immers gratis is?

Hoe ziet de economie van de overvloed eruit?

Als iedereen achterover leunt, wie staat er dan voor de klas? Wie houdt zich dan bezig met de technologische innovaties die onze overvloed veroorzaken? Dat doen jij en ik. Maar niet omdat we er geld voor krijgen, maar omdat het onze levensdoelen vervult. Niet langer gericht zijn op schaarste zorgt ervoor dat we de focus van onszelf verleggen naar de focus op de ander. Wat is waardevol voor jou? Welke vraagstukken wil ik oplossen? Waar wil ik een bijdrage aan leveren?

Als je kunt kiezen tussen een leven in gezamenlijke armoede of in eenzame overvloed, wat zou je kiezen? We leven in een tijdperk waarin de overvloed zich aandient. Nu de gezamenlijkheid nog. Niet langer leven voor jezelf, maar voor de ander. Want zoals schaarste leidt tot een focus op jezelf, leidt overvloed tot een focus op de ander.

Eén van de grondleggers van ons economisch handelen is Jeremy Bentham (1748-1832). Een utilarist: een econoom die erop geënt is dat ieder zijn eigen belang nastreeft en dat alle goederen en diensten daar terecht moeten komen waar ze het meest van waarde zijn. Bentham was vanuit zijn filosofie ook overtuigd vegetariër vanuit de redenering dat een koe meer aan een biefstuk had dan hijzelf. Maar handelde hij daarmee niet vanuit het belang van de koe in plaats van zijn eigen belang? Bentham deed intuïtief al wat u en ik ook gaan doen bij goederen en diensten die we niet echt nodig hebben: we geven ze weg. Aan hen die er wat aan hebben. Leven in overvloed leidt dus tot denken vanuit de ander. Is Bentham een uitzondering? Denk maar eens na over de rijken van de aarde zoals Bill Gates en Warren Buffet. Wat doen zij? Precies. Leven in overvloed. Leven voor de ander.

Denken in overvloed is denken in betekenis. Goederen en diensten komen daar terecht waar ze het meest van nut zijn. Zo draag je bij aan het geluk van de ander. En de ander levert een bijdrage aan jouw geluk: een economie vanuit overvloed.

Denken in overvloed: kan dat nu ook al?

Jazeker. Overvloed en handelen vanuit de ander zijn als de kip en het ei. Ze veroorzaken elkaar. We hoeven dus ook niet te wachten op overvloed, maar kunnen haar zelf scheppen. Dat begint door te weten wie je bent, te weten waar je goed in bent en waarin je je waardevol voelt voor je medemens. Zoeken naar je identiteit dus. Als je weet waar je drijfveren liggen en als je weet waaraan je een bijdrage wilt leveren,dan ga je vanzelf overvloed scheppen voor anderen. Net als zij voor jou. Ook je voldoening verschuift van “ik” naar “de ander”: je eigen focus op wat je hebt loopt terug. En zo komen alle goederen en diensten (en daar hoor jij ook bij) terecht waar ze het meeste van waarde zijn…in overvloed.

Reacties

  1. Wat een duidelijke en betekenisvolle uiteenzetting op denken en handelen in overvloed. Mijn levensmotto is wat je geeft krijg je terug of wat je zaait dat oogst je. En dan in het viervoudige. En ja, het werkt echt zo. Want iedere handeling die gericht is op de ander betaalt zich uit.
    Dat is ook de essentie van waaruit ik mensen begeleid in het versterken van hun zelfvertrouwen en het vergroten van hun zelfwaardering. Dat groeit pas als je iets van jezelf geeft aan de ander. Niet met de intentie om er zelf beter van te worden, maar om de ander daadwerkelijk tegemoet te komen, iets van je zelf te geven. Dat is inderdaad je identiteit. Dankjewel voor deze bijdrage.

Laat een reactie achter

Copyright de Betekenisfabriek 2013 | Spinnerij Oosterveld, Enschede | 06 - 16 41 11 26